Efteling

Onlangs waren twee van onze kleinkinderen jarig. De een werd drie, de andere zes. Als cadeautje kregen ze van ons een dagje Efteling. Vorige week vrijdag was het zover. Oudste kleindochter was vrij van school vanwege een studiedag. Mooi, dacht ik, doordeweeks is het vast niet zo druk in de Efteling.

We gingen goed voorbereid op weg, met gevulde tassen, reservekleren, regencapes en een inklapbare bolderkar (wat een uitvinding, waarom waren die er dertig jaar geleden nog niet? Had een hoop gezeul gescheeld met die vier van ons). De twee koters hadden er zin in en vroegen of we er al bijna waren toen we nog maar net onze straat uitreden.

Gelukkig is Kaatsheuvel niet heel ver. We hadden een tijdslot van aankomst tussen 09.45 en 10.00 uur. Mooi, dacht ik, dan zijn we vast als eersten binnen, want het park gaat pas om 10 uur open. Maar ik kreeg bijna een hartverzakking toen we de parkeerplaats opreden. Er stond een partij auto’s waar je bang van zou worden. Ik had het akelige voorgevoel dat al die auto’s waarschijnlijk niét van het personeel waren. Een lange stoet mensen haastte zich richting ingang, waar ook al een hele meute stond. Waarom was uitgerekend vandaag half Nederland in de Efteling? En hoefde er dan niemand te werken, naar school of andere belangrijke dingen te doen?

Wij sjeesden naar de wc (kleine kinderen en mensen van een zekere leeftijd zijn daarin identiek), en toen snel dóór naar de rest van het park. Ondanks de drukte en ook een beetje dankzij de bolderkar en regencapes hadden we een geweldige dag. We aten frietjes en andere ongezonde en onverantwoorde dingen, we klommen in de carrousel en Man ging twee keer achter elkaar met oudste Kleindochter in Villa Volta en kwam een tikkeltje groenig weer naar buiten. We luisterden bij alle paddenstoelen naar de kabouters die daarin muziek zaten te maken, we renden de Draak voorbij want peuter wilde die niet zien maar keek natuurlijk tóch, we bewonderden het uitzicht vanuit de Pagode, we genoten twee keer van de dansende elfjes in de waterlelies en riepen Oh en Ah in de Droomvlucht en in Carnaval Festival.

Tegen sluitingstijd snelden we naar de EftelDingenshop, want de dametjes mochten nog een kleinigheidje uitkiezen voor hun verjaardag. Zal vast niet druk zijn, dacht ik nog, met al die veel te dure prullaria op een park dat van zichzelf al een soort van financiële aderlating is. Maar je kon er over de koppen lopen. Blijkbaar waren heel veel kinderen jarig. Wellicht was ook dat weer fout gedacht; ik begon intussen ernstig aan mezelf te twijfelen. Maar de kleindochters waren blij. Dat zag ik zó. Aan die stralende koppies boven hun trofee.

Tip: verstand op nul als je naar De Efteling gaat. Vooral niet nadenken, want alles wat je bedenkt pakt toch anders uit. Inderdaad: die wondere wereld blijft je verbazen. Het blijft één groot sprookje. Ook voor grote kinderen als ik.