Ik vertrek, Bon Bini Bonaire Deel 2


In januari zagen we in Ik Vertrek hoe Hans en Karin naar Bonaire emigreerden om daar hun adventure-golfbaan te beginnen. Afgelopen zaterdag konden we eindelijk zien hoe het de twee Scheten is vergaan in die tussentijd. De vorige uitzending viel ik van de ene verbazing in de andere, en eigenlijk gaat dat bij de Scheetjes gewoon almaar door. Om te beginnen herkende ik ze bijna niet. Scheet en Scheet zijn in die paar jaar tijd beduidend ouder en vooral héél veel magerder geworden. Wat je toch eigenlijk niet zou verwachten van zo’n plek waar mañana-mañana de lijfspreuk is. Hans en Karin doen niet zo aan mañana-mañana. Zij doen vooral aan kei-en keihard werken. En altijd maar doorgaan, wat er ook gebeurt.

En er gebeurt nogal wat rondom de Scheten. In de vorige aflevering werd er ingebroken in hun container met inventaris, kregen ze geen grond toegewezen, vonden ze met regelmaat kakkerlakken in hun huurappartement, overstroomde hun huis én de tent waarin ze ook nog woonden. Ik zou voor minder gillend het eerste het beste vliegtuig terug naar Nederland hebben genomen. Maar zo niet de Scheten. Die gedroomde golfbaan móet en zal er komen.

Ook nu weer zien we hoe de Scheten met een enorme wilskracht en vastberadenheid hun plan proberen te verwezenlijken. Groot struikelblok is de vergunning. Die komt niet echt van de grond. Maar als er dan toch eindelijk groen licht komt, gaan ze ook meteen aan de slag. Als eerste moet hun huis worden gebouwd. Dat huis is er al, het zit alleen als een enorm bouwpakket in de vorm van heel veel losse planken in een container. Stap één: heel die handel uit de container halen. Stap twee: al die planken in elkaar knutselen tot volwaardig huis. Ga d’r maar aan staan. Nou was ik al verbaasd over dat feit op zich, maar toch lukte het de Scheten opnieuw om mijn verbazingsgrens nog wat op te rekken. Zo is er de plek die ze kiezen voor hun huis. Want dat huis komt niet gewoon op de grond, neeeee dat komt bovenop een aantal containers. Want dan vangen de Scheten lekker veel wind en hebben ze straks een mooi uitzicht over hun golfbaan. En het lukt hen om een compleet huis met veranda te bouwen. Op die containers. Maar dan krijgen ze het ongelooflijke bericht dat hun huis niet op de perceelsgrens mag staan. En dus moet het hele gevaarte drie meter verplaatst worden. Echt waar, ik verzin dit niet. Met twee grote kranen moet het hele ding opgeschoven worden. Wonder boven wonder lukt dit. Ik haal toch wel even opgelucht adem. Je zou er al van gaan zweten door er alleen maar naar te kijken.

Hans en Karin wonen wel al in hun huis, maar hebben nog geen elektriciteit en ook geen water. De wc-potten staan voorlopig onbruikbaar op het terras. Maar geen nood: er staat een emmer naast hun bed, en buiten gedijen de cactussen op wat Hans daar achterlaat. Geen stroom betekent ook geen airco en geen koelkast. En dus sjouwt Karin iedere dag drie grote zakken ijs vanuit de supermarkt hun trap op. Ook koken wordt lastig zonder enige aansluiting, maar gelukkig biedt de Chinese snackbar uitkomst. De Scheten leven zes dagen per week van  loempia’s; helaas is die tent op maandag dicht.

Als redder in de elektriciteits- en watersnood is daar de Nederlandse Nel. Om de paar dagen gaat Karin bij haar douchen, zwemmen en haar telefoontje oplaaien. Met opgelaaide telefoon en een zak koud én warm water klimt ze daarna blijmoedig hun huis weer in, waar Hans een raamopening uitzaagt, het raam wil plaatsen en vervolgens ontdekt dat ie verkeerd-om heeft gemeten en het raam dus niet past. Waar hij de waterleiding probeert aan te sluiten, die tot zeven keer toe vrolijk begint te spuiten. Waar ze uit het niks een bouwstop opgelegd krijgen. Waar Hans in de bloedhete container slaapt om inbrekers te weren, onder een warme deken en met een capuchon over zijn hoofd vanwege de muggen. Ik begin een beetje te snappen waarom de Scheten zoveel zijn afgevallen. Hoe houden die mensen dat in godsherenaam vol??

En dan tikt Hans ook nog een boot op de kop. Nee, niet zómaar een boot. Meer een scheepswrak. Met vooral veel roest en veel gaten. Maar er zijn meer kapers op de kust. De politie komt hoogstpersoonlijk zelf maar eens informeren van wie die boot nou eigenlijk is. Waarbij Hans laat weten dat er zich al 7 eigenaren hebben gemeld. Tja. Terwijl er maar één echte eigenaar is, en die heet Hans. Hans wil de boot graag als eyecatcher op de golfbaan. En dus moet het ding verplaatst worden naar hun terrein. Dat gaat niet allemaal van een leien dakje. De eerste poging mislukt omdat het gevaarte niet onder de bedrading door kan op de wegen. Met veel heisa en gedoe arriveert uiteindelijk toch die boot. Poeh poeh.

Intussen is Hans druk doende met de aanleg van de golfbaan. Hij legt 18 banen aan met kunstgras, bouwt handmatig een heuse grot en legt ook nog een speeltuin aan. En er staan twee jacuzzi’s klaar. Karin scheurt intussen rond in haar golfkarretje en verft onuitputtelijk allerlei nepbeesten. Die staan overal, op en tussen de banen. Waar het adventure-gedeelte precies in schuilt is mij niet helemaal duidelijk, tenzij daarmee bedoeld wordt dat je tussen de poten van zo’n beest moet manoeuvreren met je balletje. Ik heb echter meer het idee dat al die beesten toch voornamelijk dienen als decoratie. De balie is wel nog een dingetje. Eigenlijk kan Karin daar niet overheen kijken, zo hoog is ie. En dat is best lastig als er klanten zijn. Maar hee, overal is een oplossing voor. En dus leent Karin het trapje van de jacuzzi. Hoe ze dáár dan weer in moeten klimmen is van later zorg.

Ik zeg heel eerlijk: als ik het had moeten doen was die golfbaan er never-nooit gekomen. Echt niet. Dan was ik allang weer met mijn opgezette hond onder mijn arm vertrokken. Terug naar mijn brug. Maar de Scheten hielden vol en wisten hun droom waar te maken. Met zoveel tegenslag en gedoe dat ik voor dat enorme doorzettingsvermogen alleen maar bewondering en diep respect kan hebben. En nu is de dochter van Karin ook nog zwanger, dus wordt Karin oma. Daar ver weg op Bonaire. Dat is fijn, maar ook wel moeilijk, want Karin mist haar dochter en straks ook haar kleinkind. Maar intussen is haar droom verwezenlijkt, en dat is ook veel waard. Ik hoop dat Hans en Karin nog heel veel jaren mogen genieten van het resultaat, want dat hebben ze dik verdiend.

Intussen ben ik niet te beschrijven blij dat ik gewoon hier in Nederland op mijn eigen bank zit.  Dat ik niet hoef te doen wat zij allemaal doen.
Wat kun je toch intens gelukkig worden van dit soort programma’s.

Geef een reactie