
Man en ik waren samen met mijn broer en schoonzus in het Openluchtmuseum in Arnhem. De laatste keer dat ik er was zal zo’n veertig jaar geleden zijn, met ons mam.
Voor haar was het heel bijzonder en herkenbaar om het reilen en zeilen uit haar jeugdjaren terug te zien in de boerderijen. Nou ben ik van mening dat hun generatie een heel grote sprong in technologische ontwikkeling heeft doorgemaakt en ik ging er eigenlijk vanuit dat mijn eigen generatie dat veel minder zou hebben: er wáren immers al zoveel noviteiten bedacht, ontwikkeld en uitgevonden. Maar soms val je zomaar plompverloren van je veronderstellingen af. Dat gebeurde met mij daar in Arnhem.
Want ineens stonden daar DOORZONWONINGEN. En liep ik huiskamers en slaapkamers binnen waarvan ik dacht: “hee, dat is mijn kamer van vroeger!” We moesten lachen om het oranje behang, de gehaakte gordijntjes, de macramé-plantenhangers, de Brabantia keukenspullen en de felgekleurde beddenspreien. Tot ik me ineens realiseerde dat het niet langer ging om het ‘vroeger’ van ons mam, neeee: wij zijn zélf het ‘vroeger’ geworden! Nou…. die kwam wel even binnen hoor.
Mensen vergapen zich nu aan ónze spullen, aan óns verleden, aan ónze geschiedenis. En ineens kwam ook het besef welke immens grote ontwikkelingen wij zélf hebben meegemaakt. De eerste zwart/wit televisies, centrale verwarming, vaste telefoons (!), en later de eerste computers, internet, mobiele telefoons…. alleluja! Als ik terugdenk aan wat er nu allemaal is en wat er in mijn jeugd was, dan is dat een wereld van verschil. Ik weet niet in hoeverre onze kinderen en kleinkinderen óók weer van die levensveranderende ontwikkelingen gaan meemaken. Ik kan alleen maar hopen dat het dan in ieder geval positieve dingen zullen zijn, die zij straks ook weer met liefde en plezier terug gaan zien in het Openluchtmuseum.
Ik ga gewoon over dertig jaar nog eens kijken. Dan is het huis waarin ik nú woon het vroeger van dat moment. Daar ga ik dan vast en zeker ook héél hard om lachen.

Ik hoop dat ik over 30 jaar met je mee kan want dat betekent dat we dan beide nog leven en fit zijn. We gaan er ons best voor doen afgesproken??
Doen we, Wilma!